EEN UNIVERSUM VAN NIKS, EEN UNIVERSUM VAN ALLES

Spiritualiteit

Boeddhistische nietsheid met een enorm potentieel: Sunyata

We moeten veel meer lummelen, daar komen we ondertussen steeds meer achter. Maar wat gebeurt er als je lummelt? Kan je een soort ultieme vorm van overgave vinden, een stilte in jezelf? In een zoektocht naar deze stilte, stuitte ik op het boeddhistische sunyata

Van alle boeddhistische begrippen is sunyata misschien wel het moeilijkste en meest onbegrepen begrip. Een prachtig begrip wat je misschien alleen écht kunt begrijpen als je het gevoeld hebt, in de complete rust van diepe meditatie. Sunyata (ook wel gespeld als shunyata), wordt vaak vertaald uit het Sanskriet als ‘leegte’ maar dit betekent niet dat niks bestaat. Snap je het nog? We duiken er samen in.

Laten we starten met het boeddhisme. We kennen de boeddha beelden uit de tuin en zien de spirituele spreuken van Boeddha voorbij komen op Instagram, maar hoe zat het ook alweer? 

Kort gezegd is het doel van het boeddhisme een toestand van blijvend, onvoorwaardelijk geluk, wat bekend staat als ‘verlichting’. De lessen van Boeddha maken ons als mens blij, vriendelijk en zonder angsten en overtuigingen. Het wordt in diverse Aziatische landen beschouwd als de belangrijkste levensbeschouwing die er bestaat. Om ons naar deze staat van verlichting te brengen, wijst het boeddhisme ons op blijvende waarden in onze vergankelijke wereld en geeft het ons waardevolle informatie over hoe de dingen werkelijk zijn. Meditatie wordt gebruikt om uit ons hoofd te gaan en dit écht te ervaren. 

En zo is het ook met sunyata. Het oude boeddhisme heeft een hoogste staat die door de mens bereikt kan worden: dit is nirwana, wat letterlijk ‘uitblazen’ of ‘uitdoving’ betekent: het uitdoven van lust, haat en onwetendheid. In het latere mahayana-boeddhisme speelt dit een nog grotere rol: de filosoof Nâgârjuna (ca. 150 n.Chr.) stelt keer op keer dat alles ‘leeg’ is. Hij noemt het, drie keer raden, sunyata. De dingen hebben volgens hem geen substantie, geen eigen wezen, en bestaan niet op zichzelf. Sunyata zou de deur naar verlichting zijn.

De permanente ‘ik’

Boeddha vertelde ons dat wij als mens uit vijf skandha’s bestaan, de vijf aspecten van de mens. Het woord skandha, ook een Sanskriet woord, betekent letterlijk een ‘opeenstapeling’ en wordt meestal vertaald met het woord ‘aggregaat’. In het kort zijn dit vorm, gevoel, gedachten, wilsactiviteiten en bewustzijn.

Je zou kunnen zeggen dat de Boeddha ons lichaam en de functies van ons zenuwstelsel beschreef. Dit omvat voelen, denken, herkennen, meningen vormen en bewust zijn. Deze vijf delen van ons, inclusief ons bewustzijn, zijn ons ‘zelf’. Ze zijn vergankelijk. Als je je hier aan gaat vastklampen alsof het jouw permanente ‘ik’ is ontstaat er hebzucht, haat en verlangen. Je gaat vasthouden en wegduwen. Volgens de basisleer van het boeddhisme is dat de bron van lijden.

Toch gaat het nog verder dan dit in het mahayana-boeddhisme. Verder dan dat er ‘geen zelf’ is. Alles wat er is heeft geen zelf-essentie. En dit is sunyata.

Alles wat er is heeft geen zelf-essentie. En dit is sunyata.

Het blendermannetje in de blender

Hoewel we ons er misschien niet van bewust zijn, hebben we de neiging om te denken dat dingen een essentiële aard hebben. De blender in de keuken, jouw fiets tegen de schutting en de regenboog die gisteren in het park verscheen. 

Laten we die blender even pakken, waar jij elke ochtend je groene smoothie mee maakt. We kijken naar een verzameling van metaal, plastic en glas en noemen dat een “blender”. Maar de “blender” is slechts een identiteit die we op een fenomeen projecteren. Er is geen inherente blenderessentie die in het metaal, plastic en glas woont – een soort blendermannetje. Ja, nu moet je lachen, want dit lijkt een gekke gedachte.

We noemen nog even een klassiek verhaal uit de Milindapanha, een tekst die waarschijnlijk dateert uit de eerste eeuw voor Christus. De tekst beschrijft een dialoog tussen koning Menander van Bactrië en de wijze Nagasena. Nagasena vroeg de koning naar zijn wagen en beschreef toen dat hij de wagen langzaam uit elkaar haalde. Was de “wagen”, nog steeds een wagen als je de wielen eraf nam? Of zijn assen?

Als je de wagen stuk voor stuk uit elkaar haalt, op welk punt houdt het dan op een wagen te zijn? Dit is een subjectief oordeel. Sommige mensen denken misschien dat het geen wagen meer is als het niet meer als wagen kan functioneren. Anderen zullen misschien beweren dat de uiteindelijke stapel houten onderdelen nog steeds een wagen is, al is het eigenlijk een soort IKEA bouwpakket geworden.

Het punt is dat “wagen” een aanduiding is die we aan een fenomeen geven; net als dat er geen blendermannetje is, is er ook geen wagenkaboutertje die in de wagen woont.

Niets is permanent

Je vraagt ​​je ondertussen in dit beetje abstracte verhaal waarom blendermannetjes en wagenkaboutertjes er überhaupt toe doen. Het punt is dat de meesten van ons de werkelijkheid zien als iets dat wordt bevolkt door veel verschillende dingen en wezens. Maar dit is is een projectie vanuit ons.

Nagarjuna zei dat het onjuist is om te zeggen dat dingen bestaan, maar het is ook onjuist om te zeggen dat ze niet bestaan. 

In plaats daarvan is onze prachtige wereld een enorm, steeds veranderend veld. Wat we zien als onderscheidende onderdelen, dingen en wezens, zijn slechts tijdelijke omstandigheden. Alle verschijnselen zijn met elkaar verbonden en niets is permanent. Dit is ook waarom wij er zo van overtuigd zijn dat óók jij jouw droomleven kunt creëren.

Alle verschijnselen zijn met elkaar verbonden en niets is permanent. Dit is ook waarom wij er zo van overtuigd zijn dat óók jij jouw droomleven kunt creëren.

Laat los en laat toe

Tot slot, wil ik je iets heel moois meegeven. Een les die ik zelf zeker ga onthouden. Er wordt soms gezegd dat het enige verschil tussen een gewoon persoon en een Boeddha wordt gemaakt door gehechtheid. We leven allemaal in hetzelfde universum, maar we gaan er verschillend mee om. Een Boeddha leeft op een onthechte wijze en wij ‘gewone’ mensen neigen ernaar om heel wat vast te houden of weg te duwen. 

Dit stromende universum wordt door het boeddhisme omschreven als een grote rivier. De manier waarop we kunnen oefenen met deze wijsheid, is door heel makkelijk je hand in de rivier te steken en hem te ‘openen’. Als je dit doet, zie je vanzelf dat er geen afgescheidenheid bestaat tussen ‘ons’ en het universum waarin we leven. En dat we op de één of andere manier afgescheidenheid voelen wanneer we vasthouden of wegduwen.

In het reageren op wat dit universum ons brengt ‒ zien van wat we moeten doen door los te laten of niet weg te duwen ‒ zijn we in staat om door te gaan, verder te gaan. Er gewoon zijn. We leven in een prachtig universum wat we volledig mogen vertrouwen.

Een universum van niets, een universum van alles

Geschreven door Lisette Wiebes
  • Tags
  • lummelen
  • ontspannen
  • sessies

Word lid van onze community

Jouw rust reminder

Voor mooie inspirerende verhalen, aanbiedingen, events en uiteraard alle Yoga Nidra en Deeprelax nieuwtjes.

We gaan vertrouwelijk om met je gegevens. Lees hier onze privacyverklaring.